Geïnspireerd door Annika Izora heb ik besloten om tien levenslessen te delen die een tuin mij leren. Of het nu om een balkontuintje gaat, of acht hectare professionele groenteteelt, dat maakt niet uit. Hierbij deel 2; enjoy!

Regelmatig zit ik voor me uit te staren. Blik op oneindig. Niet op een mindful-achtige bewuste ‘ik-ben-helemaal-zen-in-het-hier-en-nu’-manier. Ik zit gewoon te dagdromen. De tijd tikt voorbij. Ik doe niks. Tik. Tik. Tik. Ik doe nog steeds niks. Ik weet wel dat ik wat ik zou kunnen doen; stofzuigen, lezen, hardlopen, was opvouwen of de administratie. Een kaartje sturen naar een goede vriend, een artikel lezen over kleinschalige landbouw, teeltplan maken voor volgend jaar, een blog schrijven. Maar ik doe het niet. Ik doe niks. Tik. Tik. Tik. Eerder voelde ik mij hier wel eens schuldig over. Dat gebeurt niet meer.  Ik weet dat ik niet altijd in bloei kan staan. 

Seizoenen

Momenteel is het november. De winterteelten staan nog op het land en ondanks de aangename temperaturen van de afgelopen dagen is er niet veel meer te doen. De grond is bedekt met groenbemesters of oogstafval, de zonuren worden met de dag minder, het land (en de rest van de natuur) doet het wat rustiger aan.

We verwachten niet van het land om altijd in bloei te staan. We accepteren dat de natuur de seizoenen volgt. De lente ontkiemt. De zomer bloeit en oogst. De herfst oogst en mindert vaart. De winter rust. Of zoals Sue Stuart Smith het mooi zegt; ‘over de loop van de seizoenen valt niet te onderhandelen. Je kunt planten niet sneller of langzamer laten opkomen. Je moet je onderwerpen aan het ritme van de tuintijd, en binnen dat kader moet je werken’[1]

Meebewegen

Net zoals planten meebewegen met de seizoenen, zo kunnen wij ook meebewegen met de seizoenen.  We bewegen mee met onze activiteiten, energie, creativiteit en interesses. Er zijn wilde, onstuimige momenten die gevolgd worden door productieve en exponentiële uitingen. Vervolgens zijn er momenten van overweging, rust en bezinning. Niet ieder seizoen hoeft productief te zijn. Sterker nog, wellicht zijn er ‘onproductieve’ seizoenen nodig om de productieve seizoenen te versterken. En binnen dat kader kunnen we werken…


[1] Smith, S. (2020); ‘Tuinieren Voor De Geest’, blz 261

Dit bericht delen?
Facebooktwitter